Camino 2022: weer op pad! on the road again!

Weer op pad! van javea naar santiago de compostela

For an English translation, please scroll down.

Na mijn eerste (en totnutoe enige) Camino in 2019 (zie voor mijn dagboek de Tab “2019 Haarlem – Santiago” op deze website) zat het er eerlijk gezegd niet in dat ik nog eens op pad zou gaan. Het wandelen was mij immers niet met de paplepel  ingegoten en tijdens mijn Camino van dik 3.000 kilometer heb ik, naar ik moet bekennen, mijzelf meerdere malen plechtig beloofd dat ik na aankomst in Santiago NOOIT meer hoefde te lopen. Na dat jaar 127 dagen gelopen te hebben, was de rek er een beetje uit. Na aankomst in Santiago ging het, na een kort verblijf in Nederland, weer naar Spanje, naar Jávea voor een kleine 6 weken vakantie voor ik aan mijn laatste etappe bij Norton Rose Fulbright zou beginnen. In die periode ben ik toch weer gaan lopen om een beetje in vorm te blijven en daar trof ik een bekende wegwijzer aan. De bekende schelp met de tekst “Santiago de Compostela – 1200 km”. Het begon weer te kriebelen! Ik vatte het plan op om deze keer vanuit Jávea de Camino del Alba te gaan lopen.  Deze sluit aan op de Camino de Levante (die in Valencia begint). 

Zeker na de aan mijzelf gemaakte belofte, om nooit meer een stap te verzetten, komt wederom de vraag boven: waarom eigenlijk? Die vraag werd mij in 2019 voortdurend gesteld en die wordt dan ook vrij uitvoerig beantwoord in de inleiding van mijn dagboek over mijn voetreis in 2019. Het antwoord is nu eigenlijk vrij simpel. Wie eenmaal een pelgrimstocht heeft gemaakt, heeft genoten van zowel de eenzaamheid als de ontmoeting met andere pelgrims, heeft leren kijken naar de dingen om zich heen, de schoonheid van het landschap heeft ervaren en het niet uit te leggen gevoel van een lange voetreis heeft meegemaakt, verlangt daar naar terug. Hoe zwaar het soms ook was en hoezeer ik Erzja ook heb gemist onderweg. Dat gevoel kent alleen andere pelgrims en voor hen is een enkel woord voldoende.

Het was de bedoeling deze tocht in 2021 te gaan maken, maar de restricties in verband met Covid -19 maakten dat niet erg aantrekkelijk. Het wordt dus 2022. De route gaat vanuit Jávea in westelijke richting naar Almansa, waar de Camino del Alba aansluit op de Camino de Levante. Al snel kom je dan in het gortdroge La Mancha en via El Toboso (de geboorteplaatse van Dulcea, de geliefde van Don Quichote) bereik je dan Toledo. Dan omhoog naar Zamora. De keuze is dan westwaarts naar Ourense, met een stukje Portugal, of verder naar het noorden om in Astorga aan te sluiten op de Camino Francés. Ik doe het laatste omdat ik, als alles goed gaat, daar Wally weer ontmoet. Wally is een Duitse vrouw met wie ik in 2019 een aantal dagen heb gelopen; helaas moest zij toen na Logroño stoppen wegens fysieke klachten. Zij start daar dit jaar ook weer en het plan is dan om het laatste stuk weer gezamenlijk naar Santiago te lopen.

Mijn dagboek van deze reis vindt je hierboven, door op het oranje blokje te klikken.

on the road again! from javea to santiago

UK flag

After my first (and sofar only) Camino in 2019 (you can find my diary of that trip under the tab “2019 Haarlem – Santiago” on this website; but it’s mainly in Dutch!) it wasn’t very likely that I would return to the Way. Hiking wasn’t exactly something which was forced upon me by my parents and during my Camino of over 3000 kilometres I had, as I must admit, promise myself repeatedly and solemnly that I would have no obligation to EVER hike again. The 127 days hike that year was really the limit. After my arrival in Santiago, I spent some days in the Netherlands before going back to Spain, to Jávea, for a six weeks vacation, to prepare for my last couple of months with Norton Rose Fulbright.  During that vacation I forced myself to do some walking to keep fit and in shape and there I found the well-known shell with the text “Santiago de Compostela – 1200 km”. It started to itch again! The idea was to do the Camino del Alba, starting in Jávea, and then to connect with the Camino de Levante (which starts in Valencia). 

Following my solemn promise to myself to never ever put one foot before the other, the same question comes up: but why? This question was put to me repeatedly in 2019 and was answered quite extensively in the introduction of my 2019 Camino diary (English version can be found under the tab “2019  Haarlem – Santiago”. The answer now is quite simple. If you have done a Camino, enjoyed the solitude as well as the company of other pilgrims, know how to observe things around you, experienced the beauty of the countryside and the inexplicable feeling of a long trek, you have this longing to go back. Never mind how tough it was sometimes and how I missed Erzja during my trip. Only pilgrims know that feeling and for them a single word is enough.

The idea was to do this trip in 2021 but the Covid-19 restrictions made this quite unattractive. So 2022 it will be. The route starts in Jávea and goes West towards Almansa, where the Camino del Alba connects with the Camino de Levante. Quite quickly the Camino enters the very dry La Mancha region and goes through El Toboso (the birthplace of the sweet Dulcea, Don Quijote’s sweetheart) to Toledo. Then up towards Zamora. Then there is the choice to go West again in the direction of Ourense or North to Astorga to connect with the Camino Francés. I will probably choose the latter choice in the hope of meeting up with Wally. She is a German lady with whom I walked quite some days in 2019. Unfortunately she had to quit in Logroño because of physical problems. She will try again this year and the plan is to hike together for a few days.

You can find my diary of this trip by clicking on the orange indicator above.